Van mijn nieren heb ik er twee. Wie weet waar mijn nieren voor zijn?

Druk voor het antwoord op de knop ‘werking’ hieronder.

Nieren

Ik heb net als jij twee nieren. Ze lijken een beetje op een boon en zijn zo groot als mijn vuist.

 

Mijn bloed stroomt via bloedvaten door de nieren. Afvalstoffen en vocht dat mijn lichaam niet gebruikt, halen de nieren uit het bloed.

Die afvalstoffen en vocht worden omgezet in plas.

De urine gaat via de urineleider naar mijn blaas. Zit m’n blaas vol, dan moet ik plassen.

Maar mijn nieren hebben nog meer functies.

Ze helpen mijn bloeddruk te regelen, en zorgen voor de groei en aanmaak van rode bloedcellen en vitamine D.

Lees meer >
< Terug

Er kunnen verschillende dingen mis zijn met mijn nieren.

Ik zou een erfelijke afwijking kunnen hebben aan mijn nieren. Dan ben ik er mee geboren.

Maar je kunt ook later zieke nieren krijgen, bijvoorbeeld door een ontsteking of infectie.

Er is ook een ziekte waarbij mijn nieren de afvalstoffen niet goed kwijt kunnen via mijn plas.

Dan stroomt de plas terug en worden de nieren ziek.

Soms weet een dokter niet waardoor nieren ziek worden.

Als mijn nieren niet meer goed werken, kan ik allerlei klachten krijgen, zoals moeheid, jeuk, misselijkheid of geen zin meer in eten.

Ook kan ik concentratieproblemen krijgen, waardoor school erg moeilijk voor me wordt.

Een ander probleem is dat mijn bloeddruk kan stijgen. Daar kun je flinke hoofdpijn van hebben.

De nieren zorgen voor de aanmaak van nieuw bloed. Als ik ziek word kan ik bloedarmoede krijgen. Dan word ik juist heel bleek.

De nieren zorgen ook voor de groei.

Als het misgaat, is dat slecht voor mijn botten. Dan groei ik niet goed. Of ik word juist veel dikker omdat mijn lijf vocht vasthoudt.

Het is dus niet leuk om zieke nieren te hebben!

Lees meer >
< Terug

Als je nieren niet goed werken, wordt het bloed niet goed gezuiverd van afvalstoffen.

Een apparaat (de nierdialyse) moet het dan overnemen. Dat is heel zwaar, want je moet vaak naar het ziekenhuis en je mag dan heel weinig drinken.

Daarom krijg ik graag een nieuwe nier. Maar ik ben niet de enige nierpatiënt. De wachtlijst voor een nier is het langst, zo’n 4,5 jaar.

Je kunt ook een nier krijgen van iemand die nog leeft. Je hebt er immers twee en met één nier kun je prima leven.

Het is belangrijk dat ik dezelfde bloedgroep heb als de donor.

Past de donornier niet bij mij, dan gaat de nier naar iemand anders.

Past de nier wel, dan wordt de donornier onderin de buik geplaatst en verbonden met de blaas.

Meestal gaat de donornier na een dag of vier werken. Dan hoef ik dus niet meer aan een nierdialyse.

Toch kan het zijn dat mijn lijf de nieuwe nier niet wil. Om afstoting te voorkomen, moet ik de rest van mijn leven medicijnen slikken.

Lees meer >
< Terug